© Krant van Blankenberge | Een Vissersleven: Leven of Hel
Auteur Dany De Soete Een Vissersleven: Hemel of Hel :: De Eerste Wereldoorlog (1) ::

De moord op de Oostenrijkse kroonprins in Sarajevo was de vonk in het kruitvat van een oorlog en bracht een kettingreactie van allianties op gang. Op 1 augustus 1914 viel Duitsland door België, Frankrijk aan. Het Duitse leger was ervan overtuigd dat alles vlot zou verlopen en iedereen met Kerstmis al weer thuis zou zitten. Niets was echter minder waar: het volledige Westelijk front van de Noordzee tot de hoogste toppen van de Vogezen líep voor vier lange jaren vast in een inferno van loopgraven, prikkeldraad, gas, mitrailleurvuur, modder, ontbindende lijken en ratten. Uiteindelijk gaf een moegestreden Duitsland zich op 11 november 1918 over.

Op 14 oktober 1914 werd Blankenberge bezet door Duitse troepen. Diezelfde dag vlucht een twintigtal vissersvaartuigen uit Blankenberge met hun gezinnen en familie naar Zeeuws-Vlaanderen in Nederland, anderen naar Frankrijk en ook naar Engeland.

Aanvankelíjk speelde de Blankenbergse haven geen cruciale rol in het oorlogsgebeuren en daardoor werd deze haven ongemoeid gelaten, zowel door de Franse als Britse bombardementsvliegtuigen. Voor de havens van Níeuwpoort, Oostende en Zeebrugge was het anders gesteld. Nieuwpoort was de enige haven die nog in Belgisch bezit was, ze speelde tijdens de Eerste Wereldoorlog een grote rol bij het tot staan brengen van het Duits offensief in 1914 dat doodliep op de geïnundeerde Ijzervlakte. Hierbij werd Nieuwpoort volledig verwoest.

De havens van Oostende en Zeebrugge werden echter uítgebreid door de Duitsers om als poorten te dienen voor onderzeeboten die vanaf de duikbootbasis van Brugge opereerden en die dan ook met regelmaat bombardementen te verduren kregen.

Tijdens de oorlogsjaren leed de bevolking vooral onder de al te strenge verordeningen van Ortzkommandant Müller en diens luitenant Letz. Het politie-uur werd ingesteld op 20 uur doch toen gebleken was dat enkele Blankenbergenaars met een bootje gevlucht waren naar Engeland werd het politie-uur gedurende een hele tijd op 16 uur gesteld. Er was geen sprake van om zich na het politie-uur op straat te bevinden zonder daarbij het risico te lopen zwaar bestraft te worden. Op de zeedijk mocht niemand want over de gehele lengte waren loopgraven aangebracht.

De villa's en hotels op de dijk en in het centrum waren door het Duitse leger bezet. Het 'Hotel Imperial' werd als Offiziersheim ingericht en het 'Hotel de la Paix', beide in de Kerkstraat, als Marineheim. In de andere hotels werden paardenstallen ondergebracht of werden er soldaten gelegerd.

lees verder
© www.krantvanblankenberge.be