Krant van Blankenberge | Cursiefje
Blankenberge: 18/03/2015 Paul Dessein De Vier Jaargetijden En het werd lente ...

Het woord 'lente' betekent het gestaag en traag lengen van de dagen. En dat doen ze, wat ons een zalig gevoel schenkt: lente betekent geschenk. Volgens het Engelse 'spring' springt de natuur open en worden wij getrakteerd op het eerste groen. In onze tuin staan een paar doodgewone boompjes die niettegenstaande hun alledaagse doodgewoonheid hun uiterste best doen om ons te behagen, eigenlijk hun beste wortel voorzetten om te overleven. In die overlevingsstrijd achten sommige bomen het nodig om in volle bloei te gaan staan. Vooral ons sierappelboompje tooit zich met wit-roze bloemen – nog vóór er bladeren verschijnen – en vormt een heerlijke koepel vertederende kleurenrijkdom. Mijn vrouw en ik geven elkaar dit prachtige boeket cadeau (goedkoop is het wel) en moeten bijna zelfs ons best doen om onder dat onschuldig boompje onze huwelijksbeloftes niet te gaan hernieuwen.

Het werd zomer ...

We genieten zoveel mogelijk van de zon zonder daarbij onvoorzichtig te zijn. Soms is een langkleppige pet, die mij een vreemd en raar uiterlijk verleent, een bittere noodzaak. De dagen zijn nu ook zo lang dat ik 's avonds tot laat buiten kan zitten lezen. Heerlijke tijden. En als het gras dor wordt en soms onuitstaanbaar bruin kleurt, dan laten wij dat zo. We laten de natuur haar gangen gaan, wat een mooi excuus is voor mijn af en toe opduikende tuinluiheid. Ondertussen: de bloemetjes van het boeket van onze hernieuwde huwelijksbeloftes zijn verdwenen maar de eerste heel kleine sierappeltjes melden zich: groen en onvolwassen.

Het werd herfst ... 'Herfst' betekent 'pluktijd'.

Wij hebben nu veel werk om onze pompoenen te 'oogsten': altijd reusachtig groot (ik vergelijk, met niemand!). En wat een kleurenkracht: het dieprode van de 'Heftige van Etampes', maar eigenlijk hou ik bijna meer nog van de 'Ordinair Groene van Uitkerke', ontstaan door willekeurige kruising: eigenlijk een soort straatpompoen, maar met heerlijk vruchtvlees. Veel werk ook om hazelnootjes te zoeken in het gras en weinig om de walnoten van onze notenboom te tellen. Onze notenboom is van het 'zuinige' soort. Het zij hem vergeven, denk ik dan in een bui van christelijke vergevingsgezindheid, niet iedereen gebruikt al zijn talenten. De appeltjes zijn nu overvloedig rood zichtbaar aanwezig. Op hun manier vormen ze weer een heerlijk boeket. We moeten ons warempel inhouden of we hernieuwen nog maar eens onze huwelijksbeloftes. Maar dan bedenken we plotsklaps dat we niet mogen overdrijven: overdaad schaadt. Een deel van die appeltjes gebruiken we om sap te trekken. De iet of wat bittere smaak past fantastisch bij het sap van zoetere vruchten. Je krijgt een overheerlijke gelei die je bijna bedwelmend kan overdonderen. Elk zegge het voort!

Het werd winter ...

De dagen worden ijzig kort. We troosten ons met de mooie hangende katjes van onze hazelaar. Onze sierappeltjes worden bij lichte vrieskou zacht en een beetje gerimpeld zonder daarbij hun blozende kleur te verliezen: glanzend rode besjes. En zie: de vogelen van de hemelen strijken neer in ons aards paradijs om zich rond en dik te eten aan onze siervruchtjes. Merels, kauwen of kraaien, lijsters en zelfs houtduiven komen de boom van goed en kwaad leegplunderen. De houtduiven moeten een paar dagen oefenen om hun evenwicht te bewaren op de dunne takjes: robuust gebouwd zijn biedt niet alleen voordelen. In hun gedoe om het beste deel te hebben, verjaagt de ene soort de andere en zelfs onderling ontstaan er gigantische eigendomsbetwistingen waarbij de merels hun kopveren agressief rechtopzetten. Van dat gratis spektakel genieten wij intens zonder ons te hoeven verplaatsen en bovendien vanuit de warmte van onze living. En dan zeggen wij soms: waarom nog op reis? Een vermoeide gedachte van ouwe mensen?

En het werd lente.

PAUL (dessein)

© www.krantvanblankenberge.be