Krant van Blankenberge | Cursiefje
Blankenberge: 25/05/2016 Paul Dessein Koeienweetjes

Zoals bekend wandel ik graag door onze polders. Een meer uitrustende vorm van toerisme ken ik niet al denken sommige kniezers nu: en nog goedkoop ook. Ik kan dat niet tegenspreken. Maar zoals altijd: het staat iedereen vrij.

De koeien horen bij dat landschap: het zou ondenkbaar zijn door onze polders te wandelen zonder hun indrukwekkende aanwezigheid. Zij domineren dat landschap. Koeien zijn ook zeer nieuwsgierige dieren. Blijf je even staan kijken bij hun weide, dan komen ze dichterbij om je te monsteren, in alle kalmte. Hebben die koeien het geluk een leider te hebben, een of andere forse stier, dan worden ze echt volkomen kalm en rustig als die zijn zegen geeft. Waaruit bestaat dan die zegen? Hij komt lanterfantend en als het ware onverschillig dichterbij, bekijkt je even met een zeer verstrooide en ongeïnteresseerde blik en hervat dan zijn graasbezigheden en dat is het teken dat de toeschouwer, de wandelaar, van het onschuldige soort is. Dieren weten veel meer dan mensen kunnen bevroeden.

Wat ik ook zo mooi vind bij mijn zwerftochten in de schemering – mag ik: valavond – is het horen grazen van de koeien. Op een enige manier is ook dat rustgevend en hoopvol: het leven in zijn meest natuurlijke basisvorm. In volle zomer, naar het einde toe van een vochtig zwoele avond kunnen de koeien loeien op een manier die je met zekerheid verkondigt: morgen wordt het weer een mooie dag. Voor wie ze dat doen, en waarom ze dat doen, dat weet geen mens, denk ik. Om het nog niet te hebben over de eindeloos melancholische blik die alleen grote en lichtjes verbaasde koeienogen tevoorschijn kunnen toveren: een weemoed die door lichaam en ziel trekt en die alleen dan kan ontstaan. Weemoed gekoppeld aan een heimwee naar een ongetwijfeld ongekunsteld bestaan, dat eigenlijk, ik weet het wel, nooit heeft bestaan. Onmogelijk verlangen naar de onbestaande perfecte eenvoud.

Bovendien staan die dieren in voor de producten van bijna de hele zuivelindustrie: benevens poëtisch zijn ze ook nog nuttig. Wat een prachtige combinatie: nuttige poëzie! Deze heerlijke kuddedieren waar ik zeer aan verknocht ben worden nu gebruikt, bij wijze van proef, in enkele Franse departementen. Op bepaalde punten staan 'La vache qui rit'- achtige koeien opgesteld die op hun kop van die ronde vormen die aan de gelijknamige kaasdoosjes doen denken, dragen. Maar opgelet: in al hun lieflijke verwelkomingslach zijn ze gevaarlijk. Ze flitsen je als je te snel rijdt en de hele auto wordt gekiekt: het zo nuttige en lieve dier wordt in de rol geduwd van bestraffer. Ik betreur dat ten zeerste. Het zou bijna voldoende reden moeten zijn om die departementen te mijden uit schamel protest. Het zal echter geen zoden aan de dijk zetten: het plan is, om volgend jaar, na de proefperiode dus, het systeem over het hele land uit te breiden. Laten we bij ons dan toch nog even nadenken vooraleer ons geliefde rund in die onverkwikkelijke verklikkersrol te duwen.

Er loert een nog groter gevaar om de hoek. Als je nu in onze polders rondwandelt dan merk je een scherpe tweedeling in het runderbestand. De vleeskoeien lopen er ongegeneerd dik en zwaar en log bij. Door een of andere genetische manipulatie is men erin geslaagd een rund te fabriceren dat met een soort paardenbillen door het leven moet. Hoe meer vlees, hoe meer opbrengst, hoe meer opbrengst, hoe meer vreugd. De melkkoeien moeten integendeel zo scherp mogelijk staan: hun ruggengraat staat uitgetekend, alle andere botten kun je zien en hun billen en schoften zijn diep en treurig ingevallen. Al hun energie steken ze in de melkproductie en dit ten koste van het vlees: ingevallen magerte is de norm. Voor een goeie melkproductie moeten ze bovendien jaarlijks een kalfje werpen. Daarbij is het hun verboden dit kalfje op natuurlijke wijze te krijgen: alles gebeurt via kunstmatige inseminatie. Hun mannelijke vrienden worden dus doodgewoon afgetapt. Heerlijke rundertijden! Zo'n melkkoe wordt bovendien geacht per dag ongeveer veertig (40) kilogram melk te produceren. Van die prestatie is ze kapot na vier, vijf jaar: ongeveer halfweg een normaal productief koeienleven.

Maar ... Nu willen topfokkers uit Nederland onze melkkoeien alle weidevrijheid afpakken. Melkkoeien krijgen dan een beperkte ruimte toegewezen die hun 'verblijfplaats' is zolang ze aan de 40 kg-norm voldoen. Dat zou het einde betekenen van de polders met koeien. De polders zouden dan enkel grasweiden worden. Geen graasweiden meer. Hoe droevig kan het zijn?

Maar dan heb je nog de Pyreneeën. Dwars door dat gebergte zwerven koeien rond die geen rekening houden met de Spaans-Franse grens. Ze grazen in volle vrijheid en blijheid op de bergweiden en leveren een prima melk voor allerlei prima kazen. Het vlees ervan wordt verkocht in speciale winkeltjes aan weerszijden van de grens. Alleen jammer dat dat berggebied zó ver ligt.

PAUL (dessein)

© www.krantvanblankenberge.be