Krant van Blankenberge | Cursiefje
Blankenberge: 28/09/2016 Vintage Paul Dessein

Gelukkig hebben wij Fonz en zijn Krant van Blankenberge. Die bracht mij in herinnering dat de Eneco Tour vanuit Blankenberge vertrok voor een of andere rit. Het weer was lachend mooi en dus besloot ik dan toch maar even naar de Grote Markt af te zakken. Heb ik Atapuma gezien? Darwin(!)? In elk geval stond daar een kleine perfect afgetrainde renner rustig te babbelen, in een Zuid-Amerikaans getint Spaans, met een lokale min of meer vergane blonde schoonheid die duidelijk heel blij was dat haar Spaans van de avondcursus nu toch een keertje rendeerde: zij kon,in het Spaans, converseren met die slanke jongeman. Hij was zichtbaar in zijn nopjes met die onverwachte belangstelling. Was dat Atapuma? Daar vraag je me wat. Iemand die rondliep met een van die moderne telefoonfototoestellen waarmee je duizend-en-een foto's kunt schieten, vroeg wie die geïnterviewde kerel was en toen, toen viel die naam. Meer weet ik niet.

Iemand die mij kent als een behoorlijk fervent aanhanger van het toeristische(?)fietsen en dus denkt dat ik heel veel af weet van 'coureurs' en zich dus vergist, vroeg mij naar Peter (Sagan). Ik bleef, tot zijn diepe ontgoocheling, het antwoord schuldig, wat hij mij overigens bijna kwalijk nam. Het leven kan soms zo bar ingewikkeld zijn.

Ik ben me even gaan vergapen aan de fietsen op de daken van de volgwagens. Wat een fortuin aan materiaal staat daar niet op! En toch: mij helemaal vergapen deed ik niet: bij onze plaatselijke wielerclub (mijn club!) verschijnen af en toe fietsen waarbij je de neiging vertoont doodgewoon omver te vallen. Neiging. Waaraan je niet toegeeft. Wat kun je overigens in die gevallen positie? Niets toch! Mooie fietsen: dat heel zeker!

Ook gezien dat er meer en meer renners zijn die een baardig struikgewas op hun overigens gladgeschoren lichaam dulden. Zelfs ontwaar je bij enkele renners her en der een bescheiden tattoo'tje. Ze treden kortom toe tot het rijk van de velen die een immense behoefte voelen om via hun lichaam een strikt persoonlijke toets aan hun leven te geven. Het is ze overigens van harte gegund.

En daar zag ik een toch al behoorlijk oud mannetje met dunne spillebeentjes en een perfect afgetraind lichaampje waardoor hij een soort oudere afspiegeling was van het overgrote deel van de renners die een ongelooflijke slankheid showen. Het mannetje had wel een afzakkende schouder waardoor een beeld van dreigend onevenwicht ontstond wat tot uiting kwam in zijn wankele gang. Op weg naar de tussensprint. Hij gaf mij, bedacht ik plotsklaps in paniek, een soort toekomstige foto van mezelf. Ik heb deze donkere gedachte meteen verdreven.

Was ik jaloers op de vele échte racefietsen van de échte coureurs, was ik jaloers op de vrij échte racefiets van het mannetje? Ik denk het niet. Ik heb natuurlijk een tamelijk oude fiets. Maar... Ik ben zeer gehecht aan mijn fietsje. Ik kan me mijn rennersbestaan(!) nauwelijks indenken zonder mijn met mijn diepste wezen verbonden rijwiel. Weegt mijn fiets te veel? Ja, mijn fiets weegt te veel. Maar ik heb haar lief. Heeft mijn fiets andere gebreken als daar zijn afbladderende lak, haperend versnellingsapparaat, lichtjes rammelende bidonhouder en wat dies meer zij. Ja. Maar ik heb haar lief. Ik hoop ze nog een paar jaar lief te kunnen hebben. En dan zien we wel. Maar bovenal: mijn fiets is vintage. Mijn fiets heeft in zeer beperkte kring een roemrijk en gulden verleden: zo, mijn liefje wat wil je nog meer? Het voorwerp van mijn liefde zal dus met de jaren in waarde stijgen. Wie zegt meer?

En bovendien: naar aanleiding van een tussensprint kwam het peloton voorbijgefietst met een snelheid die zeker een stukje in de veertig lag. En... de heren grapten en grolden onder elkaar. Al die mensen met een niet-vintagefiets zijn al gelukkig als ze een tijdje die snelheid aan kunnen houden in een soort gewijde stilte.

Zou ik toch jaloers zijn?

PAUL (dessein)

© www.krantvanblankenberge.be