Krant van Blankenberge | Cursiefje
Blankenberge: 14/12/2016 Spruitjes Paul Dessein

Ik heb altijd al van spruitjes gehouden. Spruitjes telen in zijn eigen tuin, was de trots van mijn vader. Nu zijn spruitjes, zoals alle kolen, een ongediertegevoelige plant. Zo mochten wij, mijn broer en ik, op zeer geregelde tijdstippen onze spruitjes en andere kolen ontdoen van het zeer plakkerige en zeer vervelende ongedierte. Dit gebeurde met een daartoe geschikt borsteltje. Ik vond dat verschrikkelijk vervelend en saai en lastig én onrechtvaardig: mijn zusje moest nooit helpen, die lieveling van 'papa'.

Maar de spruitjes zelf: voor ons allemaal een delicatesse. Niet dat mijn moeder dat speciaal kon klaarmaken, nee, maar mijn vader vond altijd dat alles wat mijn moeder klaarmaakte het beste was wat kon worden bereid. Zo ook die spruitjes die eerst, altijd volgens mijn moeder, lichtjes moesten worden gekookt om de smaak te verzachten én om onnodige, lastige oprispingen te voorkomen. Ik houd nog altijd van die spruitjes. In mijn glorietijd heb ik die zelf in mijn eigen tuin gekweekt, bijna verbouwd zelfs. Tegenover de kookkunst van mijn wettige echtgenote(!) betrap ik er mij op dat ik dezelfde houding als mijn vader aanneem: voortaan kan amper iemand anders beter koken. Zo kan ik thuis lichtjes mompelend mijn vrouw de nodige lof toezwaaien, soms doe ik dat zelfs uitbundig en met vrolijke uithalen. Een beetje de loftrompet steken kan nooit kwaad, maar toch, ook hier is enige voorzichtigheid geboden: als alles altijd even fenomenaal is, dan haalt dat de geloofwaardigheid enigszins naar beneden. Maar goed: 'Mate is t' allen spele goed'.

We zijn een paar dagen weggeweest. Kort na onze terugkeer naar ons geliefde – ach, hoe sentimenteel – Blankenberge (Uitkerke eigenlijk, maar kom: laten we genadig zijn), las ik dat er heel wat te doen was geweest over een gemanipuleerde spruitkoolsoort die, zo las ik toch, veel, veel zoeter zou zijn. 'Jammer', dat was mijn eerste reactie. Als we in een of ander domein sterk zijn geworden, dan hebben we niet graag dat de regels van het spel veranderen. Zou het kunnen dat 'men' deze genetische ingreep tot stand heeft gebracht om de scherpe spruitjeslucht te verzachten. Deze spruitjeslucht die in figuurlijke betekenis zulke kwalijke roep heeft. Spruitjeslucht wordt dan verbonden met eng, benepen, provincialistisch, ja zelfs met kleinburgerlijk.

Het kan me natuurlijk niet schelen. Als ik houd van spruitjes in de hutsepot, als ik houd van spruitjes met échte boerenworst, dan zal het mij worst wezen dat spruitjesgeur verbonden wordt met bange benepenheid, met traditioneel provincialisme, met donkere kleinburgerlijkheid. Ik weet het wel, die spruitjeslucht slaat dan op een levenshouding van onderworpenheid en van gehoorzaamheid aan allerlei verborgen en duistere regeltjes Maar toch, het doet me pijn dat de indruk kan ontstaan dat ik in mijn bij vlagen tomeloze voorkeur voor mijn geliefde spruitjes gedwarsboomd word door al dat gekakel. Het doet me aan iets anders denken. Ik houd ook zo godallemachtig veel van konijn. Mijn vader fokte ook al konijnen. Daarin ben ik hem helaas (?) niet gevolgd. Je moet ergens beginnen om afstand te nemen van je ouders: een belangrijke stap voor elke jongen op zijn tocht naar volwassenheid, volgens de opvoedkundig psychologen althans. En ook hier weer, mijn moeder...

Maar ook nu nog ben ik altijd verlekkerd op een stukje heerlijk konijnenvlees klaargemaakt en bereid volgens onze huidige inzichten. Ik bedoel volgens haar inzichten, die van mijn vrouw. En ook hier weer: er was een tijd, nog niet zo heel lang geleden, dat een konijntje eten het voorrecht(!) was van de armen. In het landelijke Duitsland bijvoorbeeld werd smalend neergekeken op mensen die gewoon konijnenvlees als een échte lekkernij beschouwden. Ach wat, die sukkelaars: 'slechts arme lieden "fressen" dat'. Dat 'fressen'. Wij verstaan dat allemaal, zonder moeite. Natuurlijk, in onze taal klinkt 'vreten' zowel als 'fretten' bijzonder plat. Maar ook in het Plattelandsduits is 'fressen' toch niet hetzelfde als 'essen'.

Maar waarom zouden wij meer waarde hechten aan de smaak van de rijke burgerij? Waarom zouden wij niet open en bloot toegeven dat bepaalde dingen zo duivels lekker kunnen smaken? En bovendien: konijn is mager vlees en spruitjes zijn zeer gezond. Ganzenleverpastei is veel ongezonder, om maar wat te zeggen! Bij ons in Vlaanderen wordt konijn vrij vaak met bruin bier en pruimen klaargemaakt. En ook al weet ik dat precies daarom over die bereidingswijze heel vaak onfrisse opmerkingen worden gemaakt, zal het nooit in mijn geest en evenmin in mijn lichaam opkomen om afstand te nemen van mijn basissmaken.

Zou de combinatie konijn – spruit tot een delirium leiden?

PAUL (dessein)

© www.krantvanblankenberge.be