Krant van Blankenberge | François Driessens vertelt ...
02/07/2014 - Auteur: François Driessens Uitkerke François Driessens vertelt ... Enige tijd terug kreeg ik een brochure 'De Uitkerkenaar' toegestuurd. Deze brochure werd uitgegeven door de Gebuurtekring Uitkerke en is integraal gewijd aan de geschiedenis van deze gebuurtekring. Ik meen dat het moment nu is aangebroken om tussen vandaag en de traditionele Uitkerke kermis op 6 en 7 september 2014 enkele stukjes neer te pennen over dit Polderdorp waar ik mijn jeugdjaren beleefd heb.

Een grote periode er van leefde ik met mijn ouders, mijn broer en zus in de Zwarte Leeuwstraat. Mijn grootouders langs vaders zijde woonden in de oude boerderij er naast en op een deel van hun eigendom werd mijn ouderlijk huis gebouwd.

Mijn grootvader Camiel ('t haantje) Driessens kweekte er nog zijn groenten en patatten en hield er kippen en konijnen. Hij was een fervent boogschutter en kwam tijdens de kermisdagen of in de eindejaarsperiode regelmatig naar huis met een levende kalkoen. Deze werd dan nog wat bij de kippen gestoken tot hij als feestmaaltijd op onze borden terecht kwam.

Hij had ook een grote duiventil en wee de duif welke niet aan zijn verwachtingen voldeed. Deze eindigde steevast de zondag in de pot op de stoof. Vroeger had hij er ook nog een varken gehouden en werd het eten voor dit dier in een grote ijzeren ketel gekookt op het fornuis in de achterplaats.

Hun grond paalde aan de Kerkwegel en werd er van gescheiden door een haag en een waterloop. Deze Kerkwegel werd gebruikt als moestuin door de buurt bewoners en vormde ook een ideaal speelterrein voor de kinderen uit de buurt. Van uit onze woning konden wij, bij helder weer, kijken tot in Wenduine zonder dat het zicht gestoord werd door gebouwen. Enkel hier en daar een hofstee was te zien.

Rivaliserende ridderbendes ...

Waar de Kerkwegel bewaakt werd door de ridders van de Zwarte Hand, was het terrein in de Blankenbergse Dijk en de Molenhoek het unieke bezit van rivaliserende ridder bendes. Mijn broer was de hoofdman van de ridders van de Zwarte Hand. Wanneer hij iets mispeuterd had, dat gebeurde wel meer, mocht hij de woensdag namiddag niet naar buiten tot grote ergernis van zijn medestrijders. Er werd dan aan onze voordeur gebeld en wanneer moeder open deed, zag ze niemand. Er stak dan wel een brief in de brievenbus waarop te lezen stond. "Laat onze hoofdman vrij of onze wraak zal zoet zijn." Je ziet dat het voor hen meer dan een gewoon spel was. Hun eer ging er van af.

Zwarte Leeuwstraat

Op een vrije namiddag was het de beurt van mijn broer om voor onze veel jongere zus welke nog in een kinderwagen lag te zorgen. De 'plicht' riep hem echter tijdens deze van moeder opgelegde bewakingsopdracht. Zo gebeurde het dat in de loop van de namiddag aan onze deur gebeld werd. Mijn moeder deed de deur open en voor haar stond een bewoonster van de Bernard Van Dammestraat met een kinderwagen. Zij vroeg heel beleefd aan ons ma of dit soms niet haar dochter kon zijn in de kinderwagen. Zij had de kinderwagen onbeheerd gevonden aan de rand van de Kerkwegel. Ik hoef jullie niet te vertellen dat het de beste dag niet was bij de thuiskomst van de hoofdman. In de hitte van de strijd was hij compleet zijn zusje vergeten. Ja wat wilde ma eigenlijk. Zij stonden op verliezen van deze van de Molenhoek en slechts zijn gewapende tussenkomst kon het tij keren.

Zijn paard, euh ... ik bedoel zijn bezemsteel, werd af genomen en hij mocht kennis maken met de slagkracht van zijn houten zwaard omdat hij moeders aanval niet kon pareren. Maar ja wat wil je. De blauwe plekken waren soms legio maar men moest tegen een duwtje kunnen al vergat men soms de één of andere jonkvrouw.

Wordt vervolgd ...

François Driessens

© www.krantvanblankenberge.be