Krant van Blankenberge | François Driessens vertelt ...
08/10/2015 - Auteur: François Driessens Meneire den agent François Driessens vertelt ... Op 20 november 2015 start een nieuwe tentoonstelling op het gelijkvloers van het Cultuur Centrum De Benne met als titel 'Meneire den agent'. Het merendeel van de tentoongestelde stukken komen uit mijn archief, maar ik mocht ook op de hulp rekenen van de huidige hoofdcommissaris Hans Quaghebeur en mijn collega Marc Dhondt.

Laat mij toe even terug te keren in de tijd. Ik begon mijn loopbaan op 7 juli 1967, de dag na mijn 21 jaar. Ja, men moest dan 21 jaar zijn om te mogen beginnen bij de politie. Het ingangsexamen mocht je wel al af leggen voor deze leeftijd. Het kwam er in die tijd niet zo op aan wat je kende maar wel wie je kende. Je mag het weten, ik ben nu toch op pensioen. Mijn 'lange arm' was Eric Deville.

Antoon Dewulf op één van de eerste moto's van het korps
Antoon Dewulf op één van de eerste moto's van het korps.

Dit examen stelde niet zo veel voor hoor. Er werden je enkele vragen gesteld over de straatnamen. Je moest natuurlijk niet zeggen dat Albert Ruzette de Tour de France gewonnen had. Vooral als je weet dat je enige tijd voordien in je oor gefluisterd werd dat je best wist wie of wat de naam van een straat betekende. Als je op de vraag of je Frans of Engels sprak bevestigend antwoordde kreeg je een dagblad onder je neus geduwd waar je in een van deze talen een stuk moest uit voor lezen en naderhand de vertaling aan de jury over maakte. Hierna mocht je gaan. Het antwoord zou wel volgen.

Zo gebeurde het dat ik de 6de juli 's avonds naar het stadhuis moest komen en ontvangen werd door de toenmalige stadsecretaris Henri Strobbe. Hij keek me even aan en zegde toen: "Driessens, morgen mag je beginnen bij de politie." Je stond daar met je mond vol tanden. Heel beleefd en nederig vroeg je dan wat je moest doen met je baas in de Glaverbel te Zeebrugge, waar ik aanvaard was na mijn legerdienst. Je kreeg als antwoord dat je zich over deze zaak niet moest aan trekken. Dit zou wel geregeld worden door hem en, alhoewel hij het niet zo duidelijk zegde, met iemand van zijn niveau aldaar. Ik trok het mij niet aan en ik heb er later ook niets meer van gehoord.

Niet dat het zo aanvaarden van een agent een unicum was. Ik herinner mij nog dat ik later een timmerman van een bouw moest halen en dat hij op zelfde manier te horen kreeg dat hij aanvaard was.

Leopold Callier als jonge agent met de fiets op de Zeedijk
Leopold Callier als jonge agent met de fiets op de Zeedijk.

Daar stond ik dan op 7 juli 1967 om 8 uur in de morgen. Ik moest mij aanbieden bij de inspecteur Devos en hij zou mij mijn uniform verstrekken. Ik moest met hem mee naar de kelder. Hij opende een kast waar oude vesten en broeken gingen. Zijn 'deskundig' oog nam je maat en je kon je tevreden stellen met de broek van die oud agent en een vest van een ander. En was het nu in feite wat te breed of iets te lang, dan kreeg je het antwoord dat je wel iemand kende die daar 'een mouw aan kon passen'. Wat ik nu eigenlijk een passende uitdrukking vond in deze situatie.

Zwarte schoenen en sokken hoorden toen niet bij de te verkrijgen uitrusting. Daar moest je zelf voor zorgen. Je wilde het toch niet al voor niets hebben hé. Je kreeg toch een wedde van 8000 frank per maand. Voor de jonge lezers, dit komt neer op 200 euro nu.

Je zult je misschien af vragen of de hemden bij de uitrusting hoorden. Ja hoor, maar het schaamrood stijgt mij nu nog naar mijn hoofd. Je kreeg twee hemden. Eén om aan te doen en één die in de was kon voor de volgende week. Ik hoor je zeggen: 'Die cols moeten er proper uit gezien hebben!' Dit was geen probleem want er waren geen cols aan deze hemden. Je kreeg een drietal hard kartonnen boorden die je netjes over de bovenkant van het hemd kon schuiven en dat was het.

De eerste keer dat je dan in de wachtzaal kwam werd je met argusogen bekeken door de oudere agenten met een blik van 'wat schuiven ze nu onder de deur naar binnen?' Je wist onmiddellijk dat het nog een tijdje zou duren voor je er bij hoorde.

François Driessens

© www.krantvanblankenberge.be